Te veel nek geperst rond een strakke gouden ketting met daarboven zo’n weldadig vetgemeste kop. Maatschappelijk low spirit natuurlijk, want anders kan je niet zo opzwellen.
Type: te veel tijd om te eten en te blowen.

Die ketting zal wel gejat zijn. Net als die tweede, die hij donderdag met een verstikkende kracht los trok uit de hals van een ouwe baas die op de Groenezoom met z’n hoofd naar beneden naar een voorwerp zocht dat niet bestond. Truc 18 in het circuit van de straatroverij. Iemand aanspreken, naar de grond wijzen en vragen: is dat van u? Het bukken vergemakkelijkt het stelen. Het hoofd wordt aangereikt.

Je moet er maar opkomen.

In het gangsterjargon heet dit ritsrats. Daarom staat er ook altijd een auto dubbel geparkeerd met daarin een handlanger met zo’n zelfde kop die de motor draaiend houdt. Ongetwijfeld ook gestolen.

Ik ben van de waarschuwingsdienst. Dat is een burgerinitiatief. Ons woordgebruik dateert uit de tijd dat iedereen in de raadszaal van het stadhuis nog wist wat een jatmoos was en ritsrats betekende. Nida in geen geval. Bij tegenpool Leefbaar alleen Dries Mosch.

Ook de onderwereld had ooit een andere betekenis. Dat was de penose. Een verzamelnaam van jongens die niet leefden naar de letter van de wet en altijd in de clinch lagen met de fiscus. Oplichters van het niveau: Oxford. Maar wel leuke. De allerleukste Henk Kranendonk had die studie ook voltooid. Oudere mensen hielpen ze bij het oversteken en als ze heel veel geld aan de staatsruif hadden kunnen onttrekken sponsorden ze het Rode Kruis. Wel zwart, want wit hadden ze ‘t niet. Onvergelijkbaar met de onderwereld van nu. Daarom moest ik ook lachen toen waarschijnlijk hele jonge mensen bij de gemeente Rotterdam het initiatief namen om alle bewoners van deze stad de volgende maand onder de grond te laten kijken naar spelonken, waterzuiveringen, leidingen en het stadsriool. Ze noemden het de maand van onderwereld.

Henk Kranendonk moest eens weten.

Ik spoel terug: het was donderdag 19 oktober: de Groene Zoom. Vroeger de chic van Zuid met halverwege het Witte Paard, het hotel waar de leiding van Feyenoord het glas hief bij elke transfer. Nu stond er een 85-jarige man als kansloos prijsvee z’n stoep te boenen. Naast hem parkeerde een auto dubbel met draaiende motor.

Het is goed fout de laatste tijd in Rotterdam en op Zuid in het bijzonder. Ze schieten er met Beretta’s dwars door hun broekzak. Ik blijf me maar afvragen: waar kopen ze die? Wat is de prijs? En waarom ken ik dat winkeltje niet?

Afijn, terwijl de verwarde ouwe baas zich van schrik op de grond zat af te vragen waar hij woonde, op de Groenezoom, Little Rock of Soedan, was er een bouwvakker zo attent om het signalement van die straatrover uit z’n blote hoofd te leren.
Voilà. Ze bestaan dus nog.

Lang leve de hardwerkende bouwvakkers, want vijf minuten later hoorde de politie het autootje op de Dordtsestraatweg al in de verte aankomen. Met ruftend harde beat als bewijs van een comfortabel geslaagd diefstalletje. Weer een ketting. Het bloed van de ouwe baas zat er nog aan.

Rotterdam, 2017.
God bless you.
En niet bukken.

Reageer op dit artikel

Elke avond het laatste nieuws uit Capelle aan den IJssel? Gratis abonneren!