Er is in de loop der jaren zoveel veranderd in het Rotterdamse amateurvoetbal, dat niemand van de spelende generatie nog weet dat er pakweg vijftig jaar terug zelfs nog een onderbond bestond. Nu houdt het feest op bij de vierde klas, maar er is een tijd geweest dat de Rotterdamse tak van de KNVB nog een extra competitie met drie klassen draaiende hield.
De kelderklasse.
Geen idee of ze daarin net zo slecht speelden als in de actuele filmpjes die onder die titel op Facebook de rond doen, maar als je als voetballer VND en GSV Sero op je cv had staan gingen de poorten niet voor je open. Denk ik.

Tientallen clubs in die kelderklasse zijn gaandeweg volkomen in rook opgegaan. Meestal speelden ze met hun eerste elftallen op massacomplexen van de gemeente. Allemaal één veld. Altijd afgelast.
Wie de archieven raadpleegt komt clubs tegen met namen als Americano, Ermezo, Nestoro en Sunlight. Hun clubhuizen stonden meestal ergens in de stad of ze hadden intrek genomen in gehuurde zaaltjes van cafés: RSM, GTB, Nationale, Ons Huis, RET, Pechvogels.  Het is een lijst van hier tot Tokio. Bij een promotie van de eerste klasse onderbond (RVB) naar de vierde klasse (KNVB) lieten de kampioenen zich in een open koets door hun wijk of langs de kroeg rijden, zo’n sensatie was dat. Want pas vanaf de vierde klasse werden de club serieus genomen.

Men kan zich bijna voorstellen dat clubs als Capelle, Spijkenisse, Barendrecht en Hellevoetsluis jarenlang in die treurige anonimiteit hebben rond getobd in een tijd dat de inmiddels verdwenen Rotterdamse clubs als RFC, De Musschen en CVV toonaangevend waren.

Het is een proces van vijftig jaar geweest, waarin de vroegere dorpsclubs dankbaar hebben geprofiteerd van de landverhuizing van de Rotterdammers naar de slaapsteden. Een automatisch cadeautje. De stad werd impopulair en de oudste wijken verpauperden.

Het is allemaal in oude dagbladen terug te lezen en wie weet was het juist wel heel romantisch. Ook viel me op dat de KNVB destijds een veel beter systeem had met overschrijvingen. Clubs klagen nu steen en been dat er nog maar heel weinig clubliefde bestaat en dat eerste elftalspelers voor een honderd euro meer aan hun kuierlatten trekken. De clubs waarin ze als kind hun opleiding genoten hebben onmiddellijk het nakijken als er flappen worden getrokken. En daar had de KNVB vroeger – las ik – een beter wapen tegen. Elke overschrijving moest voor 31 december worden aangevraagd. Uitstekend. Het volume van de vogeltrek was daardoor vele malen minder en het gaf de clubs zelfs nog de gelegenheid om zo’n vertrekkende speler dan uit teleurstelling (of nijd) een half jaar niet meer op te stellen.

Ik zou het systeem als proef maar weer eens herinvoeren, want nu is het zooitje en alleen voor clubs die goed in de slappe was zitten een dorado.