mainImage

Wat kon Martens nou gebeuren?

30 juli 2021, 20:45 uur
Columns, IJsselmondeNieuws

De wedstrijden van de Oranje Leeuwinnen op de Olympische Spelen riepen nostalgische gevoelens bij me op. Niet aan eerdere Olympiades, maar aan de tijd dat mijn zonen voetbalden bij de E-tjes en F-jes van respectievelijk HVV en Graaf Willem II VAC.

Ik begrijp dat een dergelijke vergelijking in bepaalde kringen als denigrerend en seksistisch zal worden opgevat, maar ’t is niet anders. Johan Derksen heeft volkomen gelijk als hij keer op keer laat horen dat vrouwenvoetbal niet om aan te gluren is. Er zijn best een paar meisjes die een behoorlijk schot in de benen hebben, maar het totaalbeeld is een drama. De dames rennen nog nèt niet allemaal op een kluitje achter de bal aan, maar wat een partij geklungel ziet een mens hier bij elkaar. Aan beide zijden overigens; de teams van Brazilië en de VS waren net zo rampzalig om te zien.

De Nederlandse vrouwen spelen bij klinkende namen als Manchester United, Chelsea, Bayern München en Barcelona en wanen zich internationale sterren. Maar de simpelste ballen worden voor alle zekerheid lafhartig achter of uit geschoten. Terugspeelballen op de keeper zijn zo abominabel dat ze tot een tegendoelpunt leiden en het balverlies in duels is nog veelvuldiger dan wanneer Memphis dronken en stoned met zijn hoed over de ogen op het veld zou staan.

Het hoeft voor mij niet te stoppen. Als mensen er desondanks plezier aan beleven, prima. Ik gun coach Sabrina Wiegman ook haar vette salaris. Maar laten we niet doen alsof het allemaal geweldig is.

De vraag die me bezig houdt, is: hoe komt het toch dat ’t zo slecht is? Want het is werkelijk een bizar verschil als je vervolgens het vrouwenhockey ziet. Alles wat bij de Leeuwinnen aan balbeheersing, snelheid, finesse, tactiek en strategie ontbreekt, is bij de hockeydames in ruime mate aanwezig. Hoe kan dat? Is het omdat er door vrouwen al veel langer hockey wordt gespeeld dan voetbal? Sluipen die vaardigheden slechts heel langzaam in de genen? Hoeveel decennia, hoeveel generaties moeten er nog overheen gaan voordat vrouwenvoetbal prettiger is om te kijken dan, laten we zeggen Feyenoord tegen FC Drita. 

Stofzuiger

Mijn vriend W. kijkt geen vrouwenvoetbal meer, laat hij knorrig weten. “Ik heb me al te veel geërgerd aan Feyenoord, dit kan ik er niet ook nog bij hebben.” Ik probeer de discussie naar een ander niveau te tillen en - terwijl ik met één oog de wedstrijd van de Leeuwinnen tegen de VS volg - vraag hem hoe het toch zou komen dat het niveau zo ontstellend veel lager ligt dan mannenvoetbal. “Fysieke kracht”, reageert W. heel stellig. Ik geef me niet meteen gewonnen en leg hem de vergelijking met dameshockey voor. “Dat is heel iets anders. Vrouwen oefenen hun hele leven al met de stofzuiger”, zegt hij schaterend. 

Als ik klaar ben met lachen en mijn vriend heb voorgesteld toch vooral te solliciteren als opvolger van Johan Derksen, heeft Nederland de 1-0 voorsprong alweer ingewisseld voor een 1-2 achterstand. Wat een gestuntel. Zoveel fouten en slordigheid bij elkaar. Wat hier niet allemaal mis gaat, aan beide zijden overigens. En NOS-commentator Frank Wielaard maar serieus blijven. Maar het wordt 2-2 en dan is daar in de 80ste minuut de penalty voor Oranje. Wat kon Martens nou gebeuren, toen ze van elf meter schoot? Een ziekenhuisbal die probleemloos wordt gestopt. 

Nederland verspeelt op dat moment de overwinning, komt in de verlenging nog een paar keer goed weg als de Amerikanen tot twee keer toe vanuit buitenspel scoren. De beslissende penalty-serie wordt - ondanks alle voorbereidingen met een speciale database van alle penalty’s van vrouwen waar ook ter wereld  - een drama voor de Leeuwinnen. Twee missers en onze keeper weet geen bal te keren. Martens janken, Miedema janken, Beerensteyn janken, allemaal janken.

Bertensgeklaag

Over janken gesproken: wat een opluchting dat we nu definitief van die vreselijke Kiki Bertens zijn verlost. Gek werd ik van al dat geklaag en gehuil de afgelopen jaren. Ze is al niet moeders mooiste, maar dan ook nog met zo’n druilbek de hele tijd. Al die klaaginterviews waarom het dit keer weer was misgegaan als ze het in de slotfase weer eens had laten afweten. 

Wat heb ik te doen gehad met haar vroegere coach Raemon Sluiter, die al dat gezeur en gezever de godsganse dag moest aanhoren. En die man maar aardig en empatisch blijven. Steeds maar weer zeggen: het gaat prima, je kan het, ik geloof in je. Als dank voor vier jaar luisterend oor spelen werd hij bij het grofvuil gezet.

Na de afgang in Rio zou de beste vrouwelijke Nederlandse tennisser bij de Olympische Spelen nog eenmaal haar kunsten vertonen: als daverend afscheid. Nou bij de eerste wedstrijd enkelspel ging het al fout. En janken natuurlijk weer.